Geef me de ruimte (deel 1)

 Hoe krijg je als burger meer recht in de publieke ruimte? En wat vraagt dat van de gemeente? In dit eerste deel van de reeks verkennen Fenneke van der Deijl en Anne de Zeeuw verschillende drijfveren voor het opeisen van zeggenschap in de publieke ruimte. Foto: De Voortuin (Flickr)

 

De Voortuin in Utrecht is er voor iedereen uit de wijk. Bewoners kunnen er meewerken in de gezamenlijke buurtmoestuin en de oogst delen met andere vrijwilligers. Iedereen die zijn maaltijd wil verrijken met verse kruiden kan gebruik maken van de bijbehorende kruidentuin. Het lapje openbaar groen, dat in 2012 werd toegewezen voor algemeen gebruik, is nu een fijne plek in de buurt Voordorp. Enthousiast gebruiker Jenny Lindhout vertelt.

Wie is hiermee gestart en waarom?

‘Buurtgenoot Brigitte nam het initiatief voor het opzetten van De Voortuin dat vlak naast de een volkstuinencomplex ligt. De wachtlijst voor zo’n volkstuintje was zo lang, dat Brigitte naar andere mogelijkheden zocht die de mogelijkheid boden om te werken vanuit het ideaal van de ‘transition town’: mensen kunnen in de stad hun eigen groente verbouwen, dat is beter voor het milieu.’

Lukt het om dat doel te behalen?

‘Niet echt want het is heel kleinschalig. Maar naast een hoge productie, zijn er wel andere zaken die de buurt goed doen: ontmoeting tussen buurtgenoten, verbinding met maatschappelijke partijen uit de buurt en bewustwording over het verbouwen van groente.’

Zijn er voldoende mensen om al die andere dingen erbij te doen?

‘Het organiseren van extra activiteiten zou makkelijker zijn met meer vrijwilligers, maar het is ook fijn dat we uitgaan van wat mensen zelf leuk vinden en wat ze kunnen bijdragen. Zo is er iemand die alleen in de lente alle fruitbomen snoeit en ik vind het zelf vooral fijn om lekker buiten te zijn na een dag in mijn atelier.’

Illustratie: Jenny Lindhout

Drijfveren

Dit korte interview toont aan dat er verschillende redenen zijn voor bewoners om in de openbare ruimte activiteiten op te zetten. Uit andere gesprekken met actievelingen in de openbare ruimte wordt duidelijk dat er grofweg twee hoofdredenen zijn om initiatief te nemen.

#1 Functioneel: vanuit een gebrek

Wanneer de buurt een passende voorziening mist, ontstaat er vanzelf een vraag en daaruit volgt het aanbod. Dit gaat bijvoorbeeld om bewoners die eigenhandig het straatbeeld aanpakken om de veiligheid en ‘schoonheid’ van de buurt te verbeteren. Zoals in Rotterdam waar op de Afrikaandermarkt door bewoners wordt schoongemaakt tijdens een marktdag. De gemeente is in de ogen van initiatiefnemers bijvoorbeeld te traag en dus komen ze liever zelf in actie. Soms nemen bewoners initiatief omdat er überhaupt geen partij is die de taak wil oppakken.

# 2 Emotioneel: vanuit waardebesef

Het gaat dan om duurzaamheid, gemeenschapswaarde of innovatie. De zichtbaarheid van de openbare ruimte leent zich voor initiatieven die bedoeld zijn om het gevoel van gemeenschap te versterken of te experimenteren met vernieuwende ideeën. Dit is bijvoorbeeld te zien bij Tuin in de stad in Groningen: een ontmoetingsplek waar het rijke palet aan activiteiten op een organische wijze tot stand komt zonder vooropgezet doel en programma.

Vaak gaan deze twee beweegredenen hand in hand en komt het er uiteindelijk op neer dat mensen op een andere manier de gemeenschappelijke ruimte willen beheren. Het is een manifestatie van hun kennis van behoeftes in hun buurt én hun groene vingers.

Het is het positief beïnvloeden van de eigen leefomgeving. En het is een uiting van een nieuwe positie van burgers.

Motivatie vrijwilligers

Een initiatief ontstaat pas echt als, naast initiatiefnemers die activiteiten startener, ook anderen aanhaken. Deze vrijwilligers zijn er in alle soorten en maten, maar hun redenen om mee te doen zijn overzichtelijk. In het Vrijwilligerskwadrant omschrijft Movisie vier typen vrijwilligers: ondernemers, stimulatoren, dienstverleners en regelaars. De één haalt voldoening uit de ontmoeting met anderen, de ander doordat zijn CV wordt aangevuld. Zo zie je bij De Voortuin ook hoe vrijwilligerswerk voor nut, sociale cohesie en voldoening zorgt. In het volgende artikel gaan we verder in op de invloed van die typen op de organisatie van een initiatief.

Sterk Initiatief

In ons eigen traject Sterk Initiatief helpen we mensen bij het versterken van hun activiteiten. Deelnemers ontdekken hun krachten en leren deze te benutten. Dat betekent dat de specifieke kracht van vrijwilligers zo goed mogelijk wordt ingezet zodat er continuïteit, groei en voldoening ontstaat.

Dat is echter gemakkelijker gezegd dan gedaan. Beginnende initiatieven hebben namelijk zo veel te doen, dat elk helpend handje zeer welkom is. Kritisch kijken naar krachten en talenten is dan best lastig. Toch blijft dat belangrijk omdat mensen dan taken toebedeeld krijgen waar ze echt goed in zijn en waar ze blij van worden. We raden deelnemers aan om een uitgebreide lijst te maken van taken (meestal een overdonderende ervaring) en te selecteren wat bij de uitvoering, coördinatie of het regelwerk hoort. Op die manier baseren zij de taken niet op het schaarse aantal vrijwilligers, maar op wat essentieel is voor het initiatief.

Uit handen geven

Niet iedereen die een activiteit opzet of initiatief neemt, is per se het type ondernemer én regelaar. Het overzicht houden en het managen van alle taken is niet voor iedereen vanzelfsprekend, maar wel nodig. Daarnaast is het ook moeilijk om je eigen ideeën uit handen te geven: doet de ander het wel met dezelfde passie? Of net zo secuur? Of wat we ook wel eens horen: ‘In de tijd dat ik het heb uitgelegd, kan ik het net zo goed zelf doen!’.

Een initiatiefnemer moet dus ook goed kijken naar zijn eigen motivatie en sterke kanten. Mensen die ambitieus zijn en vol passie beginnen aan een initiatief, moeten zich op een gegeven moment toch de vraag stellen: kan ik dit allemaal zelf en hoe kan een ander mij helpen zodat die er ook blij van wordt?

Over de tips uit dit traject en de verschillende manieren waarop mensen zich organiseren, lees je meer in het volgende artikel over groeien en bloeien als buurtinitiatief.  

Fenneke van der Deijl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *